• Schrijftalenten opgelet: Write Now!

    De belangrijkste schrijfwedstrijd voor Nederlandse en Vlaamse jongeren is gaande. Tot 1 april kun je nog meedoen. Dus, schrijf nu dat verhaal, die column, een gedicht, scenario, een songtekst of een essay. Alles kan bij Write Now!; schrijf het gewoon.

    Iedereen vanaf 15 tot 24 jaar kan mee doen.

    Tijdens de regionale prijsuitreikingen maakt de juryvoorzitter bekend wie de eerste prijs in de wacht sleept en doorgaat naar de finale in Rotterdam, en wie als tweede en derde prijswinnaars naar huis gaan met een schat aan boekenbonnen. De hoofdprijs van de finale van Write Now! 2017 bestaat uit een MacBook, een schrijfopleiding bij Creatief Schrijven of de Schrijversacademie, een columnreeks voor Trouw en een optredens bij Geen Daden Maar Woorden Festival en Tilt.

    Winnaars van Write Now! worden vaak opgemerkt door uitgeverijen. Bekende auteurs die hun carrière begonnen via Write Now! zijn onder meer Lize Spit, Niña Weijers, Maartje Wortel en Jaap Robben. Treed jij in hun voetsporen?

    Stuur jouw inzending vóór 1 april in via www.writenow.nu.

     

  • J.M.A. Biesheuvelprijs voor Maarten ’t Hart

    C5GS66RW8AELn97Zondag 19 februari werd voor de derde maal de J.M.A. Biesheuvelprijs uitgereikt – de enige literaire prijs voor de beste Nederlandstalige korteverhalen van het voorgaande jaar. Uniek aan deze prijs is dat het geldbedrag geheel en al door middel van donaties bijeen wordt gebracht.

    Uit vijf genomineerden won Maarten ’t Hart (1944) met zijn vorig jaar uitgekomen verhalenbundel De moeder van Ikabod (Arbeiderspers). Het gedoneerde bedrag voor de prijs van dit jaar was € 5105,70, dat in zijn geheel naar de winnaar gaat.

    Volgens de jury getuigt de verhalenbundel van ’t Hart van een ‘grote kennis’, een ‘aanstekelijk schrijfplezier’ verenigd met  een ‘ongeëvenaarde stijl’; ‘een boek dat de lezer voortdurend aanspoort om dóór te lezen’.  ‘
    ‘Om de kleurrijke personages, de subtiele excentriciteit en de onmiskenbare kwaliteit kennen wij de J.M.A. Biesheuvelprijs 2017 met groot plezier toe aan De moeder van Ikabod van Maarten ’t Hart,’ aldus sprak de jury.

    De jury van de J.M.A. Biesheuvelprijs bestond dit jaar uit: Irwan Droog (redacteur), Babs Gons (schrijver, performer), Marieke de Groot (boekverkoper), Theo Hakkert (journalist, recensent) en Sanneke van Hassel (korteverhalen schrijver).

    Het was dit jaar voor het eerst dat de Biesheuvelprijs een shortlist hanteerde. Voorgaande jaren was er enkel sprake van een winnaar. Dit jaar werden naast De moeder van Ikabod Maarten ’t Hart de volgende bundels genomineerd:

    A.H.J. Dautzenberg – De dag dat de gieren buigen (Atlas-Contact)
    Bertram Koeleman – Engels voor leugens (Atlas-Contact)
    A.N. Ryst – De blauwe maanvis  (Querido)
    Kira Wuck – Noodlanding (Podium)

    Alle genomineerden krijgen een schrijfweekend aangeboden op de Buitenwerkplaats. Waarbij je je natuurlijk afvraagt of Maarten ’t Hart hiervan gebruik zal maken.

    www.jmabiesheuvelprijs.nl
    (
    www.buitenwerkplaats.nl).

     

     

  • Record aantal dichtbundels verkocht tijdens 5e Poëzieweek

    Kijk, dat is mooi nieuws. De Poëzieweek vierde dit jaar haar eerste lustrum en tijdens deze week werden er meer dichtbundels (11 %) verkocht dan tijdens een gewone week.  Stapjes in de goede richting, waarmee gezegd wil zijn dat het doel van De Poëzieweek: ‘poëzie bekender maken bij een breder publiek’ in vijf jaar tijd zijn werk begint te doen. Poëzie zal het land stukje bij beetje veroveren en zoals Dichteres des Vaderlands Ester Naomi Perquin de optimistische woorden uitsprak bij de aanvaarding van haar functie: ‘Deze dag zal de geschiedenis in gaan als de dag waarop het volk weer de lezer van poëzie werd,’ Hoop doet leven en poëzie hoopt op nog meer lezers van poëzie.

    Best verkochte bundels
    Op de lijst van best verkochte dichtbundels in die week staat Peter Verhelst met Koor (Bezige Bij) in Vlaanderen op de eerste plaats. Tim Hofman met de Gedichten van de broer van Roos (Meulenhoff) is de best verkochte poëziebundels in Nederland. Het Poëziegeschenk door Jules Deelder, Rotterdamse kost verscheen in de grootste oplage ooit, 17.000 exemplaren.

    Op de tweede plaats van best verkochte bundels staat de nieuwe ‘dikke Komrij’ van Ilja Leonard Pfeijffer, De Nederlandse poëzie van de twintigste en de eenentwintigste eeuw in 1000 en enige gedichten (Prometheus), gevolgd door Nachtroer (De Arbeiderspers), van Charlotte Van den Broeckde. Op de vierde plaats (waarmee Verhelst twee plaatsen inneemt op dit lijstje) staat Zing zing (Prometheus) van Peter Verhelst, de bundel waarmee hij de Herman de Coninckprijs 2017 in de wacht sleepte.

    Zie hier een overzicht van de activiteiten die tijdens de Poëzieweek plaatsvonden.

    Volgend jaar wordt de Poëzieweek gehouden van 24 januari t/m 31 januari 2018.

     

     

  • In memoriam Robert Anker 1946-2017

    Op vrijdag 20 januari, de dag dat zijn nieuwste boek In de wereld uitkwam, overleed Robert Anker na een kort ziekbed in zijn woonplaats Amsterdam. Anker publiceerde met grote regelmaat en werd geroemd om zijn schrijfkunst en zijn lust tot schrijven die – volgens een recensent in Trouw – van de bladzijden afspat. Hij hield ervan zichzelf steeds opnieuw uit te vinden, zijn hele oeuvre kent dan ook een grote verscheidenheid in taal en thematiek. Toch was er een ding dat zijn werk kenmerkte en dat was zijn fascinatie voor de ontreddering van de mens. Hij voelde zich aangetrokken tot de verloedering van de mens, in al zijn vormen. Ook zijn nieuwe (historische) roman gaat over een gegoede burger die uit de samenleving wordt gestoten omdat hij aan lepra lijdt.

    Nadat er enkele gedichten van hem in De Revisor en Tirade verschenen waren, debuteerde hij in 1979 met de bundel Waar ik nog ben, gebaseerd op zijn jeugd in het West-Friese Oostwoud waar hij geboren was.
    Voor zijn tweede bundel Van het balkon (1983) ontving hij de Jan Campertprijs en voor Nieuwe veters (1987) de Herman Gorterprijs. In 1993 kreeg hij de F. Bordewijkprijs voor De thuiskomst van kapitein Rob, (Twee novellen en een brief). Met zijn roman Een soort Engeland (2001) won hij de Libris Literatuur Prijs. Ook werd hij twee keer genomineerd voor de VSB Poëzieprijs en stond hij met De vergever op de longlist van de ECI Literatuurprijs 2016.

    Anker was eind jaren tachtig, begin jaren negentig redacteur van Tirade en tot zijn zestigste combineerde hij zijn schrijverschap met zijn leraarschap Nederlands op een middelbare school. Ook was hij jarenlang poëzierecensent bij Het Parool.

    Anker schreef veelal registrerend waarmee hij diverse werelden kon oproepen en door zijn zelfspot (vooral in zijn poëzie) ontstaat er vaak een stil soort humor die je doet glimlachen.

    Plotseling begon iemand van ons onbedaarlijk
    te vloeken is het godverdomme
    alweer vier jaar geleden
    dat Bert stierf en wanneer Hans
    wanneer is Hans verdomme en Dian?
    We konden hem niet kalmeren
    daarvoor was zijn woede te groot
    terwijl het toch zo eenvoudig is.

    Uit: Nieuwe veters. Verzamelde gedichten 1979-2006

     

    Bibliografie:

    Poëzie
    Waar ik nog ben 1979)
    Van het balkon (1983)
    Nieuwe veters (1987)
    Goede manieren. Een episodisch gedicht (1989)
    In het vertrek (1996)
    De broekbewapperde mens (2002)
    Heimwee naar (2007)
    Nieuwe veters. Verzamelde gedichten 1979-2006 (2008)
    De dichter en de stad (2009)
    gemraad slasser d.d.t (2009)
    Onvergetelijke toegewijde trouweloze tijd (2015)

    Romans en verhalen:
    De thuiskomst van kapitein Rob. Twee novellen en een brief (1992)
    Volledig ontstemde piano (1994)
    Vrouwenzand (1998)
    Een soort Engeland (2001)
    Hajar en Daan (2004)
    Negen levens (2005)
    Alpenrood (2007)
    Nieuw-Lelievelt (2007)
    Fortuyn en Liefde (2009)
    Oorlogshond (2011)
    Schuim (2014)
    De vergever (2016)
    In de wereld (2017)

    Essays:
    Olifant achter blok (1988)
    Vergeten licht (1993)
    Innerlijke vaart. Zomerdagboek (autobiografie, 2005)
    Negen levens. Een dorp als zelfportret (autobiografie, 2005)

     

    Zijn laatste boek In de wereld wordt woensdag 25 januari gepresenteerd in het Cultureel Studentencentrum CREA van de Universiteit van Amsterdam.

     

     

  • Bas Heijne wint P.C. Hooft-prijs voor beschouwend werk

    Op 13 december 2016 maakte de jury – bestaande uit Jacqueline Bel, Kees ’t Hart, Kristien Hemmerechts, David Van Reybrouck en Dirk van Weelden – bekend dat columnist, schrijver en vertaler Bas Heijne de P.C. Hooftprijs 2017 krijgt toegekend voor zijn beschouwend oeuvre.

    Bas Heijne is onder andere columnist van NRC en schrijft over zeer uiteenlopende actuele onderwerpen als Hollywoodfilms en Couperus, over Europees referenda, over haatvloggers en de toekomst van de roman.

    Volgens de jury geeft Heijnes werk, ‘(…) een vernieuwende impuls aan wat literatuur in maatschappelijke zin betekenen kan.’ En ook, ‘Hij schrijft als een denker én denkt als een lezer.’ De P.C. Hoofdprijs werd dit jaar bestemd voor beschouwend proza en wordt uitgereikt op op donderdag 18 mei in Den Haag.

    Heijne publiceerde onder meer de romans Laatste woorden (1984) en Suez (1992). Ook gaf hij een reeks essays uit, waarvan er verschillende werden bekroond of genomineerd voor een prijs. Angst en schoonheid, zijn essay over Couperus uit 2013, werd beloond met de J. Greshoffprijs.

    De P.C. Hooft-prijs behoort tot de belangrijke literatuurprijzen in het Nederlandse taalgebied. Deze oeuvreprijs wordt jaarlijks afwisselend toegekend voor proza, essayistiek en poëzie. De P.C. Hooft-prijs is ingesteld in 1947. De prijs wordt jaarlijks rond de sterfdag (21 mei) van P.C. Hooft uitgereikt en bedraagt 60 duizend euro.

    De laatste drie winnaars waren Astrid Roemer (in 2016, voor proza), Anneke Brassinga (in 2015, voor poëzie) en Willem Jan Otten (in 2014, voor essay).

    Foto: Bart Koetsier

  • Lang verwachte biografie Boudewijn Büch

    Vijf jaar werkte Eva Rovers (biograaf Helene Kröller-Müller) aan de biografie van Boudewiin Büch. Boud, Het verzameld leven van Boudewijn Büch is deze maand verschenen bij uitgeverij Prometheus. Gisteren vond de presentatie plaats in Amsterdam. Reinder Storm was erbij aanwezig en nogal onder de indruk van de als geloofwaardig gepresenteerde details rond de legendarische dodo.

    Onder grote belangstelling werd afgelopen zondag in Amsterdam de langverwachte biografie gepresenteerd van Boudewijn Büch. Er kwamen veel meer belangstellenden dan aanvankelijk verwacht was waardoor het evenement verplaatst werd van Spui25 naar de Oude Lutherse Kerk. Ook de boekhandel was er goed op voorbereid. Honderd, reeds van te voren door de auteur gesigneerde biografieën, lagen klaar voor het gretige publiek.

    Na Büchs ontijdige overlijden in 2002 –  53 jaar oud – kwam hij eigenlijk alleen nog in het nieuws als fantast. Belangrijke motieven in zijn werk waren: een getroebleerde jeugd, een jong overleden zoontje, pedofiele aanleg, de gigantische erfenis van zijn vader, zijn gedegen wetenschappelijke scholing… het bleek allemaal verzonnen. De verhalen waren onwaar maar ook in het echt – tot en met zijn beste vrienden toe – had Büch iedereen voor de gek gehouden. Biografe Eva Rovers stond voor de moeilijke opgave een waarachtig boek te schrijven over een schrijver en tv-persoonlijkheid die veel van zijn geloofwaardigheid verloren had.

    Of zij daarin is geslaagd moet de lectuur van dit dikke boek uitwijzen. Bij de presentatie was er in elk geval één spreekster (Sonja Barend) die vertelde dat ze tijdens het lezen zo verbijsterd was geweest, dat ze het boek geregeld moest wegleggen om bij te komen. Wat natuurlijk de nieuwsgierigheid wel prikkelt. Andere sprekers tijdens deze feestelijke bijeenkomst belichtten tal van facetten van de inderdaad zeer veelzijdige Büch. Diederik van Vleuten dankt zijn James Cook-liefde aan Büch. Abdelkader Benali toonde zich geïnspireerd door de televisie-programma’s. Prof. dr. Lisa Kuitert plaatste de verzamelwoede gedetailleerd in wetenschappelijk perspectief. Eva Rovers zelf had duidelijk genoten van Büchs aanstekelijke enthousiasme. Wie anders immers kon mensen zo bezield vertellen over Goethe of verafgelegen volslagen onbekende eilandjes en er nog succes mee hebben ook? Zelf had Eva Rovers – als overtuigd Beatles-fan – dankzij Büch enige sympathie weten op te brengen voor enkele nummers van de Stones.

    Een aparte keus ten slotte maakte Jacques van Alphen: emeritus hoogleraar dierecologie en vanaf zijn zestiende bevriend met Büch. Hij vertelde geen anekdotes of herinneringen. Integendeel: hij nam Büch bloedserieus door mee te delen wat sinds diens overlijden door nieuw onderzoek bekend was geworden over de legendarische dodo. Dat Büch ook in dit bizarre opzicht zo serieus genomen werd was misschien het indrukwekkendste eerbetoon.


    image_1382Op YouTube is een muzikale appendix bij de biografie verschenen: Boud sound lyriekmuziek: www.youtube.com/watch.

     

     

     

     

     

  • Veel meer dan boeken op de Buchmesse

    De tijd vliegt. Daarom proberen we er vat op te krijgen, bijvoorbeeld door het gebruik van een kalender. Op de Buchmesse is er een speciale galerij voor: een enorme gang met aan de wand honderden verschillende kalenders in alle soorten, maten en kleuren. Buchmesse betekent namelijk veel meer dan boeken. Er zijn ook speelgoedbeesten, boekensteunen, leesbrillen, notitieboekjes, kleurplaten, globes, landkaarten, spelletjes en ansichten.

    Een andere attractie zijn demonstraties. Een heuse Gutenberg bedient een replica van een 15de eeuwse drukpers. Grappig contrast is een knalpaarse 3D-geprinte miniatuurversie van het Gutenberg-standbeeld in Mainz. David Hockney himself bladert live door een nieuw, reusachtig overzichtswerk van zijn oeuvre en maakt zo het massaal toegestroomde publiek deelgenoot van zijn eigen sensatie.

    Natuurlijk worden op locatie maaltijden bereid op basis van kookboeken. En zijn er overal voortdurend openbare vraaggesprekken – niet alleen met Nederlandse schrijvers. Ik hoorde Duits, Maleisisch, Engels en Chinees. In het Nederland-Vlaanderen-gastland paviljoen kan onder begeleiding van bekende illustratoren worden getekend, waarna van het resultaat real time een publicatie wordt gemaakt. Wat van dit alles overblijft zijn vooral herinneringen aan een overrompelend en indrukwekkend evenement. Bijzonder vooral omdat een zakelijke beurs en een publieksfestijn zo vloeiend in elkaar overgaan. Die herinneringen nemen de duizenden deelnemers en bezoekers met zich mee als ze huiswaarts gaan. Waarmee het bereik van de Buchmesse nog groter wordt.

     

    image1Bij zo’n veelheid aan indrukken valt niet gauw op wat ontbreekt. Maar frappant was wel de totale stilte omtrent de winnaar van de Nobelprijs voor literatuur: Bob Dylan. Bij één Italiaanse stand was een affiche te zien dat Dylan huldigde. ‘Finalmente Dylan!’ Misschien had verbazing over toekenning van de prijs de marketeers verlamd. Misschien was de voorbereidingstijd voor de Messe gewoon te kort. Dat belooft dan wat voor 2017!

     

    Ook voor mij vliegt de tijd: ’t is mijn laatste dag van de Buchmesse. Zal ik afsluiten met een Belgische attractie? Vlaamse friet in Frankfurt.

     

     

     

     

  • Frankfurter Buchmesse dag 3

    De dag waarop ‘verbinding’ zichtbaar en voelbaar werd en Nescio, door tijd en ruimte heen, van zich liet horen en Reinder Storm verrast werd door een Chinese jongedame die hem in het Engels een gedicht van Ted van Lieshout voorlas  over de Noordzee. 

    Door Reinder Storm
    “Außer dem Mann, der die Sarphatistraat für den schönsten Ort in Europa hielt, habe ich nie jemanden gekannt, der wunderlicher war als der Schnorrer.” Deze Duitse vertaling van een overbekende Nederlandse zin maakt hier op de Buchmesse in Frankfurt warme gevoelens los. Dat is wat we willen delen – liefde voor onze lievelingsliteratuur. De uitvreter is dus nu beschikbaar voor Duitse lezers. Dat schept een band, dat ‘verbindt’.
    Verbindingen aangaan, samenwerken, afspraken maken, zaken doen, praten – welke vorm het ook heeft: dit is wat er op deze uiterst levendige Buchmesse voortdurend gebeurt. Niet voor niets heet de actuele Vlaams-Nederlandse tentoonstelling over de verbinding (!) tussen sociale media en 15de eeuwse boeken Conn3ct (zie http://conn3ct.media/nl).

    Mensen staan in de rij om even in aanraking te komen met een bewonderde illustrator (en handtekeningen te scoren!). Karl May is al meer dan 100 jaar dood maar in de stand van Karl May Verlag, kan men auteurs ontmoeten. De Duitse Wild West schrijver heeft blijkbaar opvolgers gekregen. Ook Harry Mulisch ontbreekt niet: Joost de Vries ontmoet hem in de vorm van een ’tribute’.
    Op de achtergrond klinkt een vraaggesprek tussen Marc Schaevers en Arnon Grunberg. Veel mensen zitten of staan geamuseerd en aandachtig te luisteren. In levendig contact met twee auteurs uit twee buurlanden. Dat verbindt.

    En terwijl ik dit schrijf gebeurt het volgende: Een Chinese jongedame komt naar mij toe, knielt naast de stoel waarop ik zit en biedt aan een gedicht voor te lezen. Natuurlijk zeg ik ja! Ze heet Lan Ting en leest mij in Frankfurt een gedicht voor in het Engels van Ted van Lieshout. Een gedicht over de Noordzee.

    De schrijver van ‘De uitvreter’ noemde zich Nescio: ik weet het niet. Ik weet het ook niet – maar ik voel mij zeer verbonden.

     

     

  • Optimisme en Mesdag 2.0 op de Buchmesse

    Eigenlijk is het simpel. Wie iets met boeken heeft en alles wat daarmee samenhangt moet naar de Buchmesse. Al is het maar een keer in je leven. Dat de Buchmesse groot is, een duizelingwekkend gevarieerd en grensoverschrijdend aanbod presenteert is een cliché. Het zou niemand af moeten schrikken, integendeel. Opvallend zijn de typische verschillen in sfeer, stijl en publiek. Bij de Antiquarian Book Fair: meer mannen met grijs haar. Bij kunstboeken: meer stijl en gedurfd design. Bij kennismaking met nieuwe VR-toepassingen: meer kekke, hippe youngsters.

    Wat zich vooral opdringt is: optimisme. Zoveel mensen spannen zich in om op even zovele verschillende manieren mooie, nieuwe, originele producten aan te bieden. Sommige namen van landen zijn synoniem voor oorlog, honger en ellende. Op de Buchmesse zijn vertegenwoordigers uit deze landen present met keurige publicaties in een smaakvolle stand.
    En natuurlijk kan op talrijke plekken kennis gemaakt worden met de gastlanden Nederland en Vlaanderen. In de drukte op het Buchmesse-complex zie je ze lopen: Arnon Grunberg, Geert Mak, Cees Nooteboom.

    Bij het gastlandpaviljoen is door middel van projectie een 360 graden illusie gecreëerd van strand, zee en lucht. Panorama Mesdag 2.0 zeg maar. In de schemerige ruimte zelf wordt genoten van literatuur op een opzienbarend meubelstuk voor 2 personen: één die voorleest en één die voorgelezen wordt. Er is een podium waar Tommy Wieringa in zijn beste Duits vragen beantwoordt. En de prozaïsche noot is ditmaal… een geur. Van frituurvet. Misschien wordt geprobeerd voor de echte Lage Landen-sfeer kroketten te bereiden. Of behoren die tot wat we níet delen?
    Hoe het antwoord op die vraag ook luidt, simpel blijft het. Wie echt iets met boeken heeft moet naar de Buchmesse. Al is het maar één keer.

     

  • Een weelde aan schrijvers

    Reinder Storm is op eigen risico naar Frankfurt vertrokken om daar de Buchmesse te bezoeken. Dagelijks zal hij een blog schrijven over zijn wederwaardigheden aldaar. Vandaag is de grote reis begonnen en hij bevindt zich in goed gezelschap.

    Door Reinder Storm

    Toeval bestaat niet. Mijn reis naar Frankfurt is een Nederlands literair feest vanaf het begin. Had ik het zo willen plannen, het zou me niet zijn gelukt. Volkomen onverwacht deel ik m’n coupé met talrijke medewerkers van de CPNB alsmede een weelde aan schrijvers, van Anneke Brassinga tot Tommy Wieringa, van Adriaan van Dis tot Niña Weijers, van Ernest van der Kwast tot Ted van Lieshout, van Jessica Durlacher tot Thomas Möhlmann. Koningin van het bal is hare excellentie minister Bussemaker in hoogsteigen persoon. Cameramensen, radioreporters, voorlees- en signeersessies maken het geheel compleet. Uitgevers, redacteurs, journalisten, schrijvers, lezers en beleidsmakers – tot en met de medewerker van catering die chocolaatjes uitdeelt aan toe: iedereen is vol verwachting. De reis is een opwindend en veelbelovend voorspel.

    fullsizerender2En dan is daar ook de bitterzoete realiteit die ontnuchtert en relativeert. De conducteur namelijk worstelt zich tussen mensen door die om de voorlezende en signerende schrijvers samendrommen. Met een hoofdknik naar Connie Palmen vraagt hij vertrouwelijk: “Die ken ik … dat is toch Annie M.G. Schmidt?”

    ‘U hebt er kijk op’, zeg ik.
    ‘Ik dacht het al meneer, herneemt de conducteur. Maar ik houd ’t dan ook goed bij in de krant!’

    Leve de Frankfurter Buchmesse. Leve Vlaanderen en Nederland. Leve de literatuur.

     

    Wordt vervolgd…

     

     

  • Literaire wereld verdeeld: Nobelprijs voor literatuur naar Bob Dylan

    Voor het eerst in de meer dan honderdjarige geschiedenis van de Nobelprijs voor de literatuur is deze toegekend aan een muzikant en tevens aan de eerste Amerikaan sinds Toni Morrison in 1993 de Nobelprijs won. Bob Dylan, geboren als Robert Allen Zimmerman (1941) is de wereldwijd bekende Amerikaanse singer-songwriter die in de jaren zestig en zeventig gevoelens als  ‘Rolling Stones’  omschreef, ooit ‘Rebel King of Rock’n Roll’ werd genoemd en poëtische teksten schreef als ‘How many roads must a man walk down / Before you call him a man? / How many seas must a white dove sail / Before she sleeps in the sand?’, wie het leest hoort direct de melodie. Dylan heeft hele generaties beïnvloed met zijn lyrische teksten.

    Volgens de Zweedse academie wetenschappen die de Nobelprijs toekent heeft Dylan ‘de status van een icoon’ en is zijn ‘invloed op de hedendaagse muziek diepgaand’. ‘Hij is waarschijnlijk de belangrijkste levende dichter’, aldus academielid Per Wastberg.

    Er waren 220 schrijvers genomineerd. Opmerkelijk is dat Dylan juist dit jaar ontbrak bij de favorieten, terwijl hij al jaren getipt werd voor de prijs. Wel als kanshebbers werden genoemd de Japanse auteur Haruki Murakami, de Amerikaan Philip Roth, de Syrische dichter Adonis en de Keniaan Ngugi Wa Thiong’o.

    De literaire wereld, waaronder velen liefhebber van Bob Dylan, is enigszins verbijsterd over deze opmerkelijke keuze van de Zweedse academie. Paul Abels van AFDH uitgevers liet op Facebook weten: Bob Dylan is hartstikke goed. Maar de Nobelprijs voor Literatuur had hij niet hoeven krijgen. ‘The Times They Are A Changin’, dat blijkt: literatuur moet heden ten dage in brokjes van drie minuten consumeerbaar zijn en gecombineerd worden met muziek.

    Joost Baars, essayist en dichter plaatste op zijn tijdlijn: Oké, maar dan ook een Grammy naar Les Murray wegens de uitzonderlijk muzikale kwaliteit van zijn teksten.
    Literair criticus en schrijver Joost de Vries meent: De upside is dat nu de weg vrij is, en Kanye hem over twintig jaar kan winnen.

    Dichter en columnist Daan Doesborgh, dacht als eerste toen hij het hoorde: dat vind ik nou ook weer niet nodig, maar noemt in zijn artikel op VN deze uitingen van verontwaardigd onbegrip vooral een ‘uiting van ongemak’. En: het toekennen van de Nobelprijs aan Bob Dylan dwingt ons om na te denken over de vraag waar we de grenzen van het domein literatuur moeten trekken. De toekenning maakt het antwoord op die vraag ongemakkelijk: de grens ligt niet waar jij dacht.
    Lees hier het hele artikel.

     

     

  • Geen daden maar woorden festival

    Het weekend van 24 en 25 september was een weekend vol (inter)nationaal literair talent, dichters, spoken word-artiesten, boekverfilmingen en singer-songwriters. Het was het weekend van het Geen Daden Maar Woorden Festival. Charlotte Out bezocht voor Literair Nederland een van de weekenddagen en bracht verslag uit.


    Poetry Circle 010
    ‘’Mogen we nog op het schip?’’ wordt er geroepen, terwijl we over het metalen bruggetje naar het schip denderen. Aan boord van het Nieuwe Luxor Spido Schip staan mensen  hoopvol naar de kade te kijken, wachtend om aan boord te gaan. Ik wurm mij door de menigte heen en kijk naar het schip. Nadat we het schip horen zoemen, zuchten en voelen trillen, klinkt de melodie van een dwarsfluit. Achter ons is  Gary Mendes verschenen, de leider van spoken word gezelschap Poetry Circle 010. Met zijn enthousiasme en zijn melancholische dwarsfluit wint hij direct onze aandacht. ‘’Wie van jullie is er wel eens op een schip geweest?’’ vraagt hij. Meer dan helft van de mensen steekt hun hand op. ‘’Maar ik wil wedden dat jullie nog nooit op een poëzieschip zijn geweest,’’ zegt Mendes mysterieus. Hij loopt het schip binnen en verdwijnt. Een jonge, mooie vrouw in een witte jurk verschijnt. ‘’Vlucht, vlucht!’’ roept Chery van Dale, terwijl ze ons doordringend aankijkt. De ironie ontgaat mij niet als we juist naar binnen lopen, benieuwd naar wat ons te wachten staat.

    Langs de muren van het schip staan stoelen, waar we plaatsnemen. Vier jonge dichters kijken ons aan – Gary Mendes, Chery van Dale, Neusa Gomez en Bjorn Ivan Cameron. Samen zingend, elkaar aanvullend ,vertellen ze een verhaal. Het is een intiem en persoonlijk verhaal over hen zelf en hun voorvaderen.

    Neusa Gomez kruipt in de huid van een slavin en vertelt dat haar meester haar dagelijks verkracht. Als ze zich verzet, geselt hij haar zoontje. Haar zoontje kan niet nog een geseling aan, dan zal het zijn dood worden. Chery van Dale, met haar blanke huid,  kijkt naar Gomez. Haar grootmoeder heeft dezelfde verschrikkingen meegemaakt. Bjorn Ivan Cameron vertelt over zijn opvoeding in de jungle, waar ze ‘’de taal van de Aarde spraken’’. Toen hij in de westerse wereld werd geplaatst voelde hij zich vervreemd. Hij vond  geen woorden voor wat hij meemaakte in zijn nieuwe leven, alles was hem onbekend. De dichters draaien zich naar het publiek. ‘’Dit is niet mijn taal,’’ spreken ze tegelijk. De woorden donderen door de zaal. Ze vertellen over hun verlangen naar hun moederland. Maar het verlangen naar huis lijkt even sterk als het besef dat het niet mogelijk is. Zelfs voor Van Dale in de huid van de slavin. Ze trouwt met een man die haar pooier wordt. ‘’Ik ben dankbaar, toch,’’ zegt ze monotoon, terwijl ze vanachter ‘’haar’’ raam en met lege blik in haar ogen naar ons kijkt.

    De woorden, de blikken, de stemmen – het snijdt door de zaal en ontroert. ‘’Wat is gebeurd mag niet worden vergeten’, zegt Gomez krachtig. ‘’We vragen jullie om te luisteren.’’ Het is even stil. Dan begint het publiek te applaudisseren. De dichters glimlachen stralend en buigen. Direct worden ze omhelst en liefdevol begroet door intimi. Mendes schudt mij de hand. Ik moet er even van bijkomen.

    Toekomst Literatuur, gepresenteerd door WORM.

    In  Verhalenhuis Belvédère is het contrast met de voorstelling van Poetry Circle 010 groot. Het is een stijlvol, maar tuttig café, gevuld met vooral vijftig-plussers. Toekomstliteratuur? Ach nee, het programma is uitgelopen. Voor ons staat een vrouw aan de hand van een Powerpoint presentatie Nederlandse literatuur te vergelijken. Het doet mij sterk denken aan de lessen Nederlands op de middelbare school. Ik luister, maar voel me onrustig worden. Na een kwartier is de presentatie klaar. Na een kort applaus gaat het direct door naar het volgende onderdeel: Toekomst Literatuur.

    Abdelkader Benali vertelt over de populaire Amerikaanse roman Tacqacore, geschreven door een westerling die zich tot de islam  bekeerde. Benali vertaalde deze roman en schreef de inleiding. Hij leest voor. Een verhaal over een groepje punkmoslims uit New York die zich in hun bestaan zo veel mogelijk volgens de Koran leven. Hij trekt de vergelijking met een punkbeweging : deze jongeren zijn rebellen door zich in de wereld van de zonde te storten in een leven volgens strikte religieuze regels.

    De tweede schrijver is een jonge man met krullen en een vlinderdas: ‘’De reïncarnatie van Boris Vian’’. Hij leest een passage voor uit zijn boek. ‘’Ik begin op pagina 24. U heeft niets gemist.’’ Het publiek moet lachen. Het boek is een komisch verhaal dat bol staat van details, waardoor de jonge man af en toe over zijn eigen woorden struikelt. Hij vertelt over een egoïstische, onsympathieke dokter met een passie voor modelvliegtuigjes. Als hij ziet dat een zuster een stoel op een ziekenhuisbed heeft gezet om makkelijker de vloer te kunnen schoonmaken, vraagt hij: ‘’Wat mankeert die stoel?’ Als de zuster gekscherend meent dat de stoel ziek is, vraagt hij haar de temperatuur op te nemen van deze nieuwe patiënt. Mijn metgezel krijgt zo de slappe lach dat hij even naar buiten moet gaan. De jongeman kijkt grijnzend het publiek in. De rest van het verhaal borduurt voort op de zieke stoel, die steeds meer de rol van patiënt in al zijn facetten krijgt – een andere patiënt heeft zelfs last van het krakende geluid dat zijn nieuwe kamergenoot ’s nachts voortdurend maakt.

    Kluizenaar

    De derde spreker Raoul Goudvis, steekt meteen van wal. Met zijn droge humor en herkenbare situaties windt hij het publiek om zijn vinger. Hij vertelt over een kluizenaar die na tien jaar sociale isolatie een nieuw bestaan wil opbouwen zonder moderne apparatuur. Hij wil anderen inspireren hetzelfde te doen. Het verhaal begint als hij zijn eigen moderne apparatuur in de fik steekt en er naakt bij gaat dansen. Vervolgens begroet hij de buurvrouw, die hem de oren van het hoofd praat. ‘’We dachten dat je dood was, je was niet op Facebook, niet op Twitter…’’ ratelt ze, en ze complimenteert hem met zijn gespierde lichaam. Aan het eind loopt hij de wijde wereld in om zijn boodschap te verkondigen.

    De laatste spreker is, onder de verhalenvertellers, de kers op de taart. Joost Vandencasteele beschrijft in sprongen van twee jaar het leven van Bella, die in een distopische toekomst leeft. Als vierjarig meisje ziet ze haattweets op borden op straat, zodat burgers niet meer zo snel zullen schrikken van haatdragende teksten. Als zesjarige slikt Bella uit verveling een pil die wordt gebruikt door ouders om hun lastige kinderen aan te pakken: een pil waardoor ze in een angstaanjagende trip terechtkomt en ze haar gebit verbrijzeld door op het asfalt te kauwen op straat. Bella is niet onder de indruk. De pillen voor pubers, die zijn pas eng! De Vlaming deelt zijn zwartste, meest absurde situaties in het leven van Bella, eindigend met een korte passage over twee kleuterklassen die elkaar dagelijks uitmoorden. ‘’Na een paar uur oorlog mogen ze kiezen – een dutje doen, of oorlog. Het is meestal om het even,’’ vertelt Joost. ‘’Maar het zijn altijd dezelfden die door gaan!’’ voegt hij er vrolijk aan toe. Een beetje ongemakkelijk is het wel – mag je hier om lachen? Het publiek lacht zo nu en dan, maar is vooral stil. Aan het einde krijgt Vandencasteele een groot applaus.

    Een verrassende en veelzijdige avond. Enerzijds het serieuze spoken word toneelstuk op het schip door Poetry Circle 010, waarbij het publiek werd ondergedompeld in de verlangens en pijn van de voorvaderen van de multiculturele groep dichters. Anderzijds de hilarische, veelal bizarre verhalen in Verhalenhuis Belvédère. Hoewel de interactie met het publiek bij Toekomst Literatuurhier gemist werd, heb ik geweldig genoten. Geen Daden Maar Woorden? Ik zeg: ‘een woordfestival met daadkracht.’

     

    Foto Marco de Swart