-
Twee van de mooiste poëzie-uitgaves van dit jaar, die niet (oorspronkelijk) Nederlands zijn, zijn van de Amerikaanse dichter Charles Simic (1938). Begin dit jaar verscheen New and Selected Poems: 1962-2012, een uitgebreide keuze uit zijn oeuvre. Bovendien verscheen in oktober Aan de wereld komt geen eind, een integrale vertaling van The World Doesn’t End (1989).
-
Jan Brokken schrijft in De vergelding (2013), een reconstructie van een Nederlands dorp in oorlogstijd, dat oorlog een ‘permanente uitzondering op voorspelbaarheden’ is. Een stelling die zeker ook van toepassing is op David Leavitts roman De twee Hotel Francforts, over vluchtelingen die in diezelfde oorlog stranden in Lissabon. Leavitt laat zien hoe in tijden van
-
Als er een prijs bestond voor de gewaagdste titel voor een dichtbundel zou Nog een grap, de laatste van Nachoem M. Wijnberg, die haast niet kunnen ontlopen. De verhouding tussen poëzie en grappen is immers een moeizame sinds Remco Camperts misprijzends oordeel: ‘Sinds Buddingh’/ verwachten veel mensen/ van poëzie/ een avondje lachen.// Dat is geen
-
Naar buiten is een boek over landelijk wonen van historica Ileen Montijn. Ze belicht dit landelijk wonen in Nederland in de negentiende en twintigste eeuw. In de tekst wordt een visie op de ‘rustgevende natuur’ tegenover de ‘jachtige stad’ geplaatst. (9). Montijn geeft aan dat dergelijke clichés een grote rol speelden en nog wel spelen
-
Emma Donoghue (Dublin, 1969) is een literaire alleskunner. Ze lijkt alle genres even gemakkelijk te beheersen, of het nu biografieën, literaire geschiedenissen, toneelteksten, radiohoorspelen, sprookjes of korte verhalen zijn. Ze is vooral bekend van haar romans. Haar internationale bestseller Room werd Best Book of 2010. Het boek dong ook mee naar de Man Booker Prize, de
-
Autobiografie is een vreemd genre. Aan de ene kant schrijft iemand over zichzelf en aan de andere kant zal hij, om het overzicht te krijgen, enige afstand van zichzelf moeten nemen, en zijn jongere ik als een personage moeten beschrijven. Op die manier ontstaat er een mengeling van afstand en betrokkenheid. De striptekenaar Gerrit de
-
Wanneer het over historische vergelijkingen gaat moet ik onwillekeurig denken aan de voormalig hoteleigenaar Basil Fawlty uit het Engelse Torquay. Hij had het weer eens gehad met zijn klanten die niets anders deden dan wat rondhangen en klagen, vooral veel klagen. De houding van zijn gasten deed hem denken aan een bepaalde episode uit de
-
‘Was het de wind die haar naam naar hem toe liet lopen? Of gaf het lot haar een zetje? Hij stond onder een eenzame boom naast het bietenveld, in een lange jas gehuld, een grijze hoed op het hoofd, de rug naar haar toegekeerd. Ze twijfelde even tussen de preek van haar moeder, spreek zomaar
-
Yvonne Keuls heeft patent op romans die maatschappelijke kwesties terugbrengen tot een exemplarisch niveau. Ze kiest de setting van één gezin of zelfs één individu, dat de grote problemen aan den lijve ondervindt om ze zo herkenbaarder te maken. Dat procedé volgde ze in overbekende boeken als De moeder van David S., Jan Rap en
-
Het is even wennen, de schrijfstijl in de debuutroman Paulina Buxareu, die Josep M. de Sagarra bijna honderd jaar geleden schreef. Het begint met de beschrijving van een bergdorpje niet ver van Barcelona, waar de verteller, de ik-figuur iedere zomer naar toe gaat. ‘Ik heb in dat dorpje geen huis en ik huur er ook









