• René Appel stelt de lezer niet teleur

    René Appel (1945) heeft ruim dertig titels op zijn naam staan, merendeels misdaadromans waarvoor hij tweemaal de Gouden Uil ontving. Hij weet hoe je een verhaal moet schrijven en boeiend te houden en laat dat opnieuw zien in Dansen in het donker. Geen misdaadverhaal dit keer, maar een gezinsdrama.
    Dat gezin bestaat uit wiskundeleraar Andries, moeder Inge die bij de bibliotheek werkt en hun twee tiener-zoons, Finn en Olaf. De roman begint op het moment dat moeder Inge haar man vertelt dat zij verliefd is geraakt op zijn collega, de Neerlandicus Erik, en met hem verder wil.  Andries, een zwijgzame man, pakt de gezinsauto voor een rit, rijdt zichzelf de Amstel in en verdrinkt. Het lijkt sterk op zelfmoord en Inge beëindigt uit schuldgevoel haar relatie met Erik. Al diens pogingen om hun verliefdheid weer op te rakelen weert zij af.

    Deze gebeurtenissen worden beschreven vanuit de invalshoek van respectievelijk Inge, Erik, zoon Finn (18) en de jongste zoon (16 jaar) Olaf. De gedachten van Olaf en de oudere broer Finn worden weergegeven in dagboek-achtige vorm, waarbij Olaf sweg taalgebruik hanteert en zich etaleert als een toffe dude die fokking verliefd is op Marly, een smatje waarmee hij kan shinen.
    Finn daarentegen schrijft bedachtzaam over zijn toenadering tot de islam en lijkt zich in het geheel niet bewust te zijn van de crisis waarin zijn moeder verkeert, laat staan de oorzaak daarvan. Als Inge ontdekt dat haar zoon bezig is zich tot de islam te bekeren, haalt dat haar voor even uit de cocon van verdriet en schuldgevoel.

    Geleidelijk aan neemt de spanning in het gezin toe als Finn de sjahada (geloofsbelijdenis) doet en aan de Ramadan begint. Olaf komt er geleidelijk achter wat er aan de hand was tussen Inge en Erik en heeft een confrontatie met de laatste.
    Hoe de geschiedenis eindigt kan hier niet onthuld worden, maar René Appel stelt de lezer niet teleur.

    Appel is in stilistisch opzicht nooit een literaire hoogvlieger geweest en heeft dat vermoedelijk ook niet willen zijn. Maar in deze roman slaagt hij er in om de hoofdpersonen elk in hun eigen idioom hun verhaal te laten vertellen, met het jongerendialect van Olaf als meest opvallende prestatie. Niet voor niets was hij taalgeleerde in zijn werkend bestaan! Ook Finn’s behoefte aan een religie die op alle vragen een antwoord geeft en zijn gelovigen in een cocon van broederlijke sympathie wikkelt, wordt de lezer begrijpelijk gemaakt.

    Een gezinsdrama als dit heeft van nature een veel langzamer tred dan misdaadverhalen. En dat lagere verhaaltempo met veel aandacht voor de gevoelens van de deelnemers weet Appel tot en met het slot goed vast te houden.
    In Dansen in het donker bewijst René Appel dan ook dat hij een vakkundige dramaschrijver is.

     

  • Net niet spannend genoeg

    Het lijkt alsof Sylvia Houweling alles heeft wat haar hartje begeert. Ze is getrouwd met Eddie Kronenburg, heeft twee kinderen en woont in een prachtig huis in Amsterdam-Zuid. Toch is het allemaal niet zo mooi als het lijkt. Eddie werkt namelijk in de onderwereld, hij is verantwoordelijk voor het transport van drugs. Sylvia is hier steeds minder gelukkig mee, ze wil dat haar man stopt en een normale baan gaat zoeken. Ze merkt namelijk hoe het werk van Eddie effect heeft op de kinderen. Yuri, haar zoontje begint bepaalde trekken van zijn vader over te nemen. Zo wordt hij van school gestuurd als hij een portemonnee steelt. Dochter Daphne lukt het niet om vriendinnen maken, niemand wil met haar omgaan vanwege het werk van haar vader. Sylvia probeert haar man over te halen om met zijn werk te stoppen, maar Eddie ziet een gouden toekomst in zijn criminele activiteiten.
    Als de politie een huiszoeking bij het gezin doet en Eddie neergeschoten wordt in het bijzijn van zijn zoontje, is Sylvia het helemaal zat. Ze pakt haar spullen en vertrekt met de kinderen naar Almere. Hier probeert Sylvia een nieuw leven op te bouwen. Maar Eddie, die inmiddels van zijn verwondingen is hersteld, wil dat zij met de kinderen terugkomt naar Amsterdam. En hij gaat ver om haar zover te krijgen.

    Schone handen, de nieuwe ‘literaire thriller’ van René Appel, is meer een simpel en langdradig verhaal dan een meeslepende thriller. Het verhaal blijft erg aan de oppervlakte blijft en de karakters worden niet genoeg uitgediept. Vooral Eddie doet meer aan een ‘oliebol’ denken, dan aan een harde crimineel. Waarom Eddie voor de criminele wereld heeft gekozen, komt totaal niet aan bod. Dat is erg jammer, want het zou helpen hem beter te begrijpen.

    Bepaalde scènes hadden iets spannender beschreven kunnen worden, terwijl andere weer iets vluchtiger hadden gekund. Het boek draait te lang om het psychologische gewauwel van Sylvia om wel of niet bij Eddie weg te gaan. Pas tegen het einde van het boek komt er wat actie en spanning in het verhaal. Een hoog thrillergehalte heeft Schone handen niet, maar het boek leest wel lekker weg. En met alle ophef rondom het Holleeder-proces sluit het goed aan bij de actualiteit. Mocht u dit een pluspunt vinden .