-
‘Ik weet niet of ik weer thuiskom.’ ‘Je bent een visser,’ zegt Geeske, ‘Geen enkele visser weet of hij ’s avonds thuiskomt.’ (…) ‘Ik ben een molenaarszoon.’ Deze drie citaten vormen de synopsis van de debuutroman van Rebekka Bremmer (1977) over het vissersgezin van Johannes Mulder, zijn vrouw Geeske, hun enige dochter Trijntje en hun
-
De bundel Schaduwgrens van Hans van de Waarsenburg opent met de reeks ’Consul’, waarin onmiskenbaar de hoofdpersoon uit Malcolm Lowry’s roman Under the vulcano wordt geportretteerd. Een consul, inderdaad, met eeuwigdurende dorst, die zich voortsleept van delirium naar kater, en hoopt dat zijn geliefde ooit terugkeert en alles goed zal komen. De toon van de
-
‘Ik zag sterren, ze straalden helder aan de zomerse nacht, ze waren kil, onverschillig, maar schenen over de gehele stad, ook over deze wijk die onder slaag gebukt ging. “Ik moet alleen daarnaar kijken,” zei ik. “Jammer dat ik daar niet eerder aan heb gedacht, nu zal ik niet meer alleen zijn als ik aan
-
Hij heeft een missie, de christus van Elqui. Hij predikt, geneest zieken en hij, zo gaat althans het gerucht, wekt doden tot leven. Daarbij is hij naarstig op zoek naar zijn eigen Maria Magdalena. De oorspronkelijke titel van het nu vertaalde De christus van Elqui is, bij de speciale gratie van het Spaans, oneindig veel
-
Recensie door Rein Swart België en Congo hebben een intieme band met elkaar, een trauma waarover Van Reybrouck onlangs nog in extenso berichtte. Dit pijnlijke onderwerp kan ook in een kleinere opzet uitgestald worden. Dat bewijst Elvis Peeters in de vorm van de herinnering van een 77 jarige ex-huurling die in een buitenwijk van Brussel
-
Recensie Joyce Bloemert De verhalenbundel Hier sneeuwt het nooit is het debuut van schrijver Gilles van der Loo. De bundel bevat een mooie verzameling korte verhalen die stijlvol en vermakelijk geschreven zijn. Er is geen verhaal dat onderdoet voor een ander, hoewel ze onderling sterk verschillen. Elk verhaal heeft een eigen invalshoek maar de rode
-
Facebook maakt ons ongelukkig, ondergraaft onze authenticiteit en laat ons denken dat iedereen beter af is dan wijzelf. Socioloog Koen Damhuis is jong genoeg om er een boek over te schrijven. Best leuk, maar het maakt niet gelukkig. We leven in verwarrende tijden. De hele wereld past in de iPhone en die past weer in
-
De hoofdpersoon in Dit zou in de tegenwoordige tijd geschreven moeten worden is Dorte, een jonge vrouw op zoek naar identiteit en volwassenheid. Helle beschrijft de eenzaamheid en alledaagsheid van haar bestaan. Dorte worstelt met niet zo diepgaande relaties en met kleine tegenslagen: van het jezelf buiten je woning sluiten, tot de ketting die van
-
‘Het is moeilijk een verhaal te verzinnen met de loop van een geladen pistool op je gericht. Maar de kerel staat erop. “In dit land,” verklaart hij, “moet je, als je iets wilt hebben, dwang gebruiken.”’ (…) ‘“Er zitten twee mensen in een kamer,” begin ik. “Ineens wordt er aan de deur geklopt.”’ Bij dit
-
Als de eerste bladzijde van een boek of een verhaal bepalend is, zoals in veel literaire analyses wordt beweerd, dan kom je in deze novelle van Georg Büchner wel aan je trekken. In de eerste acht regels: grijs gesteente, zwaar omlaag hangende sparretakken, vochtige lucht, grauwe wolken, nevel zo traag, zo plomp. En ‘Lenz stapte







