-
De pont naar Noord. Het is zomer 2013 en Martin van Houten is onderweg naar het huis van zijn overleden geliefde om dierbare spullen van haar uit te zoeken. Zinloos, weet hij, maar gaat er desondanks met twee koffers vol weg. Zo begint Een soort geluk, de debuutroman van vertaler uit het Engels Peter Abelsen.…
-
In de ‘Coda’, het nawoord van Het eigenwijze potlood, legt Carel Peeters uit wat hij bedoelt met de ondertitel van zijn nieuwe boek, ‘20 literaire tekenaars’. Het gaat om tekenaars die ‘verder willen kijken’: ‘Ze tekenen met resonantie. Er klinkt humoristisch, filosofisch, psychologisch of literair iets mee dat niet vervliegt bij de eerste blik, zoals vaak
-
Zomervacht van Jaap Robben (1984) is een boek van nu: vlotte zinnen, veel dialogen, korte hoofdstukken (meer dan vijftig voor een boek van ruim driehonderd pagina’s). ‘Showing’, geen ‘telling’. Het lijkt geschreven aan de hand van een schema, waarbij gedoseerd de personages geïntroduceerd worden en het plot stap voor stap wordt ontwikkeld. Het gebeurt allemaal
-
Michel Houellebecq, een groot bewonderaar van Arthur Schopenhauer (1788 – 1860), schreef ooit enkele essays over het filosofische werk De wereld als wil en voorstelling (1818). Zijn Nederlandse vertaler Martin de Haan heeft deze vertaald en voorzien van een interessante inleiding waarbij hij de link legt tussen Schopenhauer en het oeuvre van Houellebecq. De tekst van
-
Dat Joseph Roth een eersteklas schrijver is, behoeft geen betoog. Zijn roman Radetskymars over de ineenstorting van de oude, half feodale wereld van het voormalige Oostenrijks-Hongaarse keizerrijk na de Eerste Wereldoorlog is een monument in de Duitstalige literatuur van het interbellum. Spoken in Moskou is een verzameling reportages, brieven en dagboekaantekeningen waarin het verslag van zijn
-
Ruim halverwege Kus, de debuutroman van de Nederlandse literatuurwetenschapper Julien Ignacio (1969), begint de schrijver Feysel Mansur in zijn studio aantekeningen te maken voor een novelle, waarin een vader voor één dag terugkeert uit het dodenrijk in de gedaante van een mot. ‘De ogen op zijn vleugels zijn de vensters die uitzicht geven op de
-
In het jaar dat hij zestig wordt publiceert Wilbert Cornelissen zijn vierde dichtbundel. Zijn eerste bundel verscheen in het jaar dat hij veertig werd. Cornelissen is dus een late debutant en een spaarzaam auteur. Maar er is meer. De bundel Elke dag een / proefsleuven begint met de aankondiging: ‘Gedurende tien jaar schreef de Mottenfokker
-
Soms hebben auteurs een haat-liefde verhouding met hun geboortestad. Bij Svealena Kutschke lijkt dit niet anders te zijn. In haar derde roman Een stad, het meisje en de duivel beschrijft ze de lotgevallen van een Duitse familie tegen de achtergrond van de verschrikkelijke twintigste eeuw met haar stad Lübeck in een hoofdrol. De Nederlandse titel
-
Zeemansgraf voor een kort verhaal is een drieluik over het ongewenst zwanger geraakte meisje Jet Hamelink, de door haar ter adoptie afgestane zoon Jurre en diens dochter Fine. Zij erven Jets muzikale talent en dat is uiteindelijk het enige dat hen stuk voor stuk op de been houdt. De drie delen waaruit de roman bestaat…
-
Als je de plot vluchtig samenvat, lijkt Maria Stepnova’s jongste geesteskind Italiaanse les zo op het eerste gezicht wel een sentimentele keukenmeidenroman: Russische dokter verlaat zijn echtgenote voor een mooie, mysterieuze jongedame, volgt haar naar Italië, maakt daar kennis met de geneugten des levens, maar dan – stel je voor – gaat het toch nog mis.









