Een man met een missie

Recensie door: Rudy Schreijnders

Hoeveel Nederlanders zouden naar Marrakech in Marokko zijn gereisd en het museum Tiskiwin van de in 1931 in Winschoten geboren Bert Flint hebben bezocht? En als ze dat al deden: hoeveel van hen hebben bij thuiskomst enthousiast verhaald over deze Nederlander en de volkskunst in zijn museum? In ieder geval niet zoveel dat hij hier bekend is geworden. Over deze gedreven kunstverzamelaar en onderzoeker schreef journalist en documentairemaker Lejo Siepe Een vreemdeling in de Medina, een mooi uitgegeven, maar ook een beknopte biografie met een fraai fotokatern.

Via Spanje naar Marokko

Bert Flint is een telg uit een rooms-katholiek middenstandsgezin met een meubel- en stoffenzaak. Vader stuurt zijn zes zonen naar een katholieke kostschool waar Bert naast Frans, Duits en Engels ook Spaans leert. Vooral over deze laatste taal is hij enthousiast.

Bert Flint gaat in Utrecht kunstgeschiedenis studeren en volgt Spaanse taal- en letterkunde als bijvak. Hij vindt de domstad echter saai. Contacten met meisjes zijn vriendschappelijk; op seksueel gebied voelt hij zich – net als broer Wim – meer aangetrokken tot jongens. In 1953 wordt Bert op Schiermonnikoog verliefd op een Duitse filmacteur en geeft hij – ondanks alle vooroordelen – toe aan zijn homoseksualiteit.

Berts vader wil dat zijn zoon een carrière in het bedrijfsleven najaagt en Bert onttrekt zich hieraan door naar het buitenland te gaan. Op reis in Spanje ziet hij het Alhambra en raakt hij in de ban van het islamitische Spanje. Hij reist daarom naar Marokko en raakt gefascineerd door Tanger en niet alleen omdat hij daar contact kan hebben met jonge mannen met een atletisch lichaam. Op de markten ziet hij ook prachtig aardewerk (gemaakt zonder draaischijf) dat afkomstig is uit het Jbala-gebied en de Rif. In de Marokkaanse havenstad Tétouan ziet hij vervolgens een verpletterend mooie architectuur. Hij vraagt zich af hoe het mogelijk is dat Europeanen ooit gedacht konden hebben dat zij vanuit hun koloniale macht in Marokko cultuur zouden moeten brengen.

In 1955 keert Bert Flint terug naar Nederland en haalt hij – na vier jaar studie – zijn kandidaats Spaans. Met dat diploma kan hij aan de slag als docent Spaans en Engels op een lyceum in Marrakech. Later wordt hij ook docent visuele antropologie aan de Casablanca Art School.

Beroemdheid in Marokko

Bert Flint wordt internationaal vermaard onder kenners, kunstenaars en kunsthistorici en een beroemdheid in Marokko omdat hij volkskunst verzamelt: sieraden, houtsnijwerk, tapijten, meubels en andere voorwerpen dat gemaakt was door gewone mannen en vrouwen. Deze volkskunst werd aanvankelijk gezien als boerenkunst, meer als ambachtswerk dan als kunst. Flint ziet in een tapijt juist een abstract schilderij en dat zou wat hem betreft in een museum voor moderne kunst mogen hangen.

Emeritus hoogleraar geschiedenis Hamid Triki typeert Bert Flint als meer dan enkel een collectioneur of verzamelaar van volkskunst. Hij is allereerst een onderzoeker die ervan overtuigd is dat volkskunst echte kunst kan zijn en niet louter ambacht.

Nationalistische mythe

Het wordt de missie van Bert Flint aan te tonen dat de kunst in zijn museum meer gemeen heeft met Afrika ten zuiden van Marokko dan met kunst uit de Arabische regio en dat Afrika een grotere rol heeft gespeeld in de Berbercultuur dan de Arabische invloeden. Het zal pas vele jaren later tot een herwaardering in Marokko van het Berber erfgoed leiden.

De Marokkaanse cultuur en kunst kan volgens Bert Flint alleen maar goed begrepen worden als je verband legt met de materiële en spirituele cultuur van de Afrikaanse bevolking in de Sahel-landen ten zuiden van Marokko, zoals Mali en Niger. Die visie staat haaks op de nationalistische mythe die de Marokkaanse elite graag aanhangt: de bevolking bestaat uit nazaten van de Arabische veroveraars uit het Midden-Oosten en uit Arabische Moren die uit Spanje verdreven zijn. En die elite zit natuurlijk niet te wachten op een Europeaan die deze mythe onderuithaalt. Tientallen jaren zijn de contacten met universitaire bureaucraten en ministeries daardoor moeizaam.

Onafhankelijk Marokko

In 1956 wordt Marokko onafhankelijk van Frankrijk. De Casablanca Art School kan het juk van het Westerse onderwijs afgooien waarin geen aandacht is geweest voor traditionele kunsten en ambachten van de regio. Bert Flint is de wegbereider daarvan geweest: hij vond altijd al dat de geometrische motieven op tapijten en verfijnd houtsnijwerk op deuren prachtig waren: de traditionele kunst is in zijn ogen juist heel modern!

Museum Tiskiwin

In 1976 koopt Bert Flint in het stadscentrum van Marrakech (de ‘medina’) een riad, een traditionele stadswoning in Andalusische stijl uit begin twintigste eeuw, waar hij gaat wonen en waar hij zijn museum in vestigt. Hij schrijft ook een vuistdik standaardwerk, La Culture afro berbère de tradition néolithique en Afrique du Nord et dans le pays du Sahelwaarin hij naar eigen zeggen meer begrip wil kweken voor de bevolking van de Sahara in de diaspora; deze bevolking moet zich realiseren dat ze deel uitmaakt van een belangrijke beschaving. Hij hoopt dat er meer aandacht komt voor de oude geschiedenis van de Sahara en de betekenis daarvan voor het huidige Marokko.

Culturele grootheid

Bert Flint is in Marokko uitgegroeid tot een culturele grootheid, terwijl hij in Nederland vrijwel onbekend is gebleven. Het is dan ook niet meer dan gerechtigheid dat Lejo Siepe in deze toegankelijk geschreven biografie een monumentje voor hem heeft opgericht.

 

Een vreemdeling in de Medina

Een vreemdeling in de Medina

Lejo Siepe

Uitgever: Uitgeverij Bulaaq (2026)

ISBN 9789493397262

140 pagina’s

Prijs: € 20.00

Buy with Libris